Waarom Acato

Uitgevallen? Wat nu?

Acato wil een rustplek zijn voor kinderen met autisme en aanverwante problematiek die uitgevallen zijn op school, “de thuiszitters”. We “repareren” door ruimte te geven. Door er te zijn, een gelijkwaardige bejegening, een luisterend oor en aanmoediging. We trainen niet en we dwingen niet. We zoeken samen met het kind of de jongere naar een leuke manier om de dag door te komen. Naar bezigheden die inspireren, naar antwoorden op vragen.

Rechten

Ouders en hun kind

Ouders dragen volgens de wet verantwoordelijkheid voor het welzijn, de opvoeding en het onderwijs van hun kinderen. Dat betekent ook dat zij het recht hebben om keuzes te maken die veiligheid en ontwikkeling werkelijk dienen. Ieder kind heeft recht op goed en gelijkwaardig onderwijs waarin welbevinden en veiligheid vooropstaan. Wanneer een systeem dat niet kan bieden, mogen ouders zich uitspreken en zoeken naar een passende oplossing die recht doet aan hun kind.

Waarom

Het recht op onderwijs

Helaas vallen veel kinderen en jongeren uit op school omdat het onderwijsaanbod niet passend is. Ze kunnen dan nergens meer terecht. Acato biedt een alternatief waar ze toch kunnen leren, zich ontwikkelen en andere jongeren kunnen ontmoeten.

Acato bestaat omdat er nog te weinig scholen zijn waar kinderen die zich anders ontwikkelen echt tot hun recht komen. Laat staan dat er scholen zijn waar alle kinderen samen gelijkwaardig opgroeien en leren.

Acato zou er eigenlijk niet moeten zijn. 

Inclusief Onderwijs

Internationale afspraken

Inclusief onderwijs is een waardevol ideaal. Kinderen leren samen, ontdekken verschillen en ontwikkelen respect voor uiteenlopende mogelijkheden. Dat is van grote betekenis voor hun latere leven. Wie opgroeit met diversiteit in de klas, ontwikkelt vanzelf meer begrip en inlevingsvermogen.

Het Nederlandse beleid richt zich op 2035 als moment waarop vrijwel alle kinderen samen naar school gaan. Dit volgt uit internationale afspraken, zoals de verklaring van Salamanca (1994) en het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap, dat ook Nederland heeft geratificeerd. In Europa geldt de norm dat circa 80% van de kinderen regulier onderwijs volgt. Meer informatie:

Discriminatie

Het doel heiligt de middelen

Voor kinderen die goed meekomen op school is welbevinden vanzelfsprekend een belangrijke voorwaarde voor succes. Voor kinderen die uitvallen of thuis komen te zitten, lijkt aanwezigheid op school echter vaak het primaire doel te worden, terwijl hun welbevinden naar de achtergrond verschuift. Daarmee ontstaat het risico dat in beleid onderscheid wordt gemaakt tussen kinderen die binnen de kaders passen en kinderen die dat niet doen. Dat onderscheid kan leiden tot ongelijke kansen en blijvende schade in een kwetsbare fase van hun ontwikkeling.

Wil je weten hoe Acato dit benaderd?
Lees: https://acatorotterdam.nl/hoe-wij-het-doen/

Meer Weten

Een beetje geschiedenis

Ons onderwijssysteem is nog jong. De Mammoetwet van 1968 bracht de vele onderwijswetten samen in één geheel. De overheid wilde reguleren: overzicht creëren, kosten beheersen en resultaten meetbaar maken. In de jaren ervoor groeide de Lomschool snel: bedoeld voor kinderen met een gemiddelde intelligentie die het op een gewone school niet uithielden — kinderen die we vandaag thuiszitters zouden noemen.

De Lomschool werd afgeschaft omdat terugkeer naar regulier onderwijs niet lukte, terwijl dát het doel was. Alle kinderen moesten weer samen naar school. In de decennia daarna ontstond een omvangrijke behandel- en interventiepraktijk rond het “niet passende” kind. Speciaal onderwijs kreeg een verplicht curriculum; niet langer het kind bepaalde het tempo, maar de overheid.

Rond 2000 werd het speciaal onderwijs verdeeld in clusters. Veel gevoelige, snel overprikkelde kinderen pasten daar niet in. Diagnoses boden soms toegang, maar geen werkelijk begrip. Sindsdien wordt via passend en inclusief onderwijs geprobeerd hetzelfde ideaal te realiseren: iedereen binnen de muren van school houden. Ondertussen groeit de zorgindustrie, terwijl het aantal uitvallende kinderen juist toeneemt.

“Voor ouders en jongeren die meer willen weten over ondersteuning bij autisme, kun je ook terecht op Wegwijzer Autisme.”
Lees: https://www.wegwijzer-autisme.nl

Meer Weten 2.

Opvoeden en autisme

Ieder mens wordt geboren met een eigen wil. Vanaf het moment dat een baby de oogjes opent en begint te huilen, is de wil daar. En ouders zorgen eromheen en moedigen aan. Als het kindje ouder wordt, begint ook het opvoeden.

Maar wat is opvoeden eigenlijk? Leggen wij een kind onze wil op? Of sturen we aan? Dit is een heel belangrijk thema waar je eindeloos over kunt filosoferen. Ouders die enige tijd in ‘het vak’ zitten, zullen grinniken: “Ik vraag me af of ik nog iets te zeggen heb.” En dat zegt eigenlijk alles.

Als je een kind met autisme moet opvoeden, kom je erachter wat ‘het wapen’ van opvoeden is: het wederzijds belang. Gedurende het hele leven is het belang dat ieder mens voelt datgene wat het gedrag aanstuurt, datgene wat motiveert.

Bij een jong kind (zonder autisme) ligt het belang in de wederzijdse liefde. Als mama boos is, wil een kleintje dat dat ophoudt. Hij wil weer geknuffeld worden. Soms wordt gehoorzaamheid afgedwongen met wel of geen toetje of geen televisie. Nuchter gezegd heeft een opvoeder altijd een middel nodig om duidelijk te maken waarom hij iets van het kind wil, waarom hij iets belangrijk vindt. Meestal is het belang van wederzijdse genegenheid of respect voor de situatie (zoals op school of op het werk) al voldoende.

Op school wordt het belang dat een kind voelt doorslaggevend: vriendschappen en erbij willen horen, een goed cijfer krijgen, geen straf of voor gek staan in de klas, een vak willen leren en geld verdienen, zelfstandigheid. Ook hier is er dus altijd een middel en er is altijd wederzijds belang. En het kind kiest. Daarin is hij vrij. Hij kiest zelf vanuit het belang dat hij heeft. En dat is tegelijk ons middel.

Een kind dat opgroeit met autisme groeit op met een sterke wil. Het belang om een ander te vriend te houden is kleiner. De genegenheid is er wel, maar de genegenheid zit de wil niet in de weg; die is namelijk sterker. Bij een kind met autisme is het nut waarom hij iets gaat doen veel belangrijker. Onze ‘wapens’ die we normaal inzetten bij kinderen zonder autisme zijn niet helemaal nutteloos, maar moeten met veel meer zorg en respect ingezet worden. De opvoeder moet veel en veel meer respect hebben voor de wil van het kind, want de argumenten die we normaal aanvoeren om ‘onze zin’ te krijgen als opvoeder werken niet. We begrijpen het belang van de mens met autisme niet zomaar. Daar moeten we elke keer eerst achter komen.

Een klein voorbeeld: we willen allemaal samen aan tafel eten, want dat is gezellig en vooral: zo hoort het. Een kind met autisme vindt dat mogelijk helemaal niet gezellig (hij raakt bijvoorbeeld overprikkeld van al dat gepraat) en wil dus niet aan tafel zitten. De opvoeder ziet vooral het belang van: je moet aan tafel zitten als we gaan eten en je moet gehoorzamen. Dit wordt een strijd als de opvoeder niet begrijpt waarom het kind met autisme zich verzet en niet inziet waarom samen aan tafel zitten eigenlijk bedoeld is.

Op scholen gaat dit helemaal mis. Er is helemaal geen ruimte en zeker geen tijd om iemand met autisme de ruimte te geven. Iemand met autisme moet geleerd worden dat hij moet veranderen. Het grootste belang van een kind – erbij willen horen – vervliegt op school, want hij kan niet voldoen aan alle eisen en hij komt buiten de groep te staan.

Als een kind met autisme uitvalt op school, is ons middel weg. Dan kunnen we alleen nog maar bouwen op de eigen wil van de mens en ons vertrouwen in alle goeds wat ieder mens zelf bij zich heeft. Het vraagt van de opvoeder veel geduld en liefde.

Neem Contact Met Ons Op

Je kan contact met ons opnemen om samen te kijken of Acato kan aansluiten bij de behoeften en situatie van jullie gezin.